waterbodem.nl, alles op het gebied van waterbodem, onderzoek, beleid, onderhoud, baggerwerkzaamheden, verwerkingstechnieken, toepassingsmogelijkheden baggerspecie, storten, depots, automatisering, Uitvoeren kwantiteitsbepaling

Nieuws
alle berichten
algemeen
baggeren
beleid
depots
kwaliteit
meten en analyseren
normering
protesten en acties
risico's
verwerking

Artikelen
baggerplannen
beleid
NVN5720
probleemstoffen
protocollen
toetsing
veldonderzoek
verwerking

Literatuur
Nieuwsbrieven
Publicaties

Handig
begrippenlijst
afkortingen
klasse-indeling
agenda
normen
vacatures
links

Informatie
colofon
contact





2000-2017 : Wegens tijdgebrek is de info niet overal meer actueel
Uitvoeren kwantiteitsbepaling
Kwantiteitsbepaling op basis van boorbeschrijvingen

Tijdens de uitvoering van een waterbodemonderzoek worden met behulp van een zuigerboor monsters van het slib en de vaste waterbodem genomen. De geplaatste slibboringen worden met behulp van een programma als Boormanager uitgewerkt in boorprofielen. Door de gemiddelde slibdikte in de watergang te bepalen en deze vervolgens te vermenigvuldigen met de werkelijke oppervlakte van de watergang kan een eerste (zeer globale) inschatting van de actuele slibkwantiteit worden gemaakt.

Indien van de bovenstaande methode gebruik wordt gemaakt is het van groot belang dat in de boorbeschrijvingen ook een beschrijving van de vaste waterbodem wordt opgenomen. Zonder deze beschrijving is het niet mogelijk de overgang slib - vaste waterbodem te bepalen. Doordat tijdens het plaatsen van de boringen het slibpakket voor een deel wordt ingedrukt en het feit dat slechts een steekproefsgewijze bemonstering/peiling van het slibpakket heeft plaatsgevonden heeft de bovenstaande aanpak een sterk indicatief karakter.

Kwantiteitsbepaling op basis van peilingen in een dwarsraai

Indien een betere slibkwantiteitsbepaling noodzakelijk is, kan ervoor gekozen worden om enkele peilingen binnen dwarsraaien uit te voeren. Bij het peilen van het slib binnen dwarsraaien wordt (bij voorkeur) gebruik gemaakt van een slibbaak (i.p.v een zuigerboor).

Een slibbaak is een peilstok met aan de onderzijde een slibschijf van 16 x 16 centimeter. Deze slibschijf komt tijdens de peilingen op het slib te liggen waardoor een goede inschatting kan worden gemaakt van de overgang water - slib. Voor het bepalen van de overgang slib - vaste waterbodem wordt gebruik gemaakt van de onderzijde van de slibbaak. Aan de onderzijde van de slibbaak is geen schijf aanwezig, waardoor de slibbaak door het slib kan worden gedrukt. De overgang slib - vaste waterbodem is, met name bij zand en kleigronden, op gevoel goed te bepalen. Bij een venige ondergrond dient op een andere wijze de overgang slib - vaste waterbodem te worden bepaald.

Bij de uitvoering van de peilingen dient in ieder geval het nul- en het eindpunt van de dwarsraai te worden ingemeten (talud of de beschoeiing). Ter plaatse van het onderwatertalud kan een afstand van circa 1,0 meter tussen twee afzonderlijke peilingen worden aangehouden. Naarmate het verloop van de waterbodem in het midden van de watergang vlakker wordt kan ervoor worden gekozen een grotere afstand (2,0 a 3,0 meter) tussen twee afzonderlijke peilingen aan te houden. De dwarsraai kan (bij smalle watergangen) worden uitgezet door een meetlint over de watergang te spannen. Bij brede watergangen en vaarwegen is dit over het algemeen niet mogelijk. Voordat de peilingen worden uitgevoerd dient de waterspiegel ten opzichte van NAP te worden ingemeten. Hierdoor is het mogelijk de uitkomsten van de peilingen te relateren aan dit referentievlak.

De uitkomsten van de peilingen worden door een CAD-tekenaar (of volledig automatisch via bijvoorbeeld het programma WDB) uitgewerkt in dwarsprofielen. In deze dwarsprofielen kan eveneens het gewenste onderhoudsprofiel (de legger) worden weergegeven. Het dwarsprofiel vormt de basis voor de uiteindelijke kwantiteitsbepaling. Door de oppervlakte van het slibpakket te berekenen (in m2) en deze te vermenigvuldigen met de werkende lengte van de dwarsraai (de afstand tussen twee afzonderlijke dwarsraaien in meters) wordt een inschatting gemaakt van de actuele slibhoeveelheid. Naarmate de afstand tussen de peilingen en de dwarsraaien minder wordt kan een nauwkeuriger uitspraak worden gedaan over de daadwerkelijke slibhoeveelheid in een watergang.

Indien sprake is van brede watergangen met een duidelijke vaarwegfunctie dan is de bovenstaande aanpak minder geschikt (onmogelijk een meetband te spannen). De aanpak van de peilingen is hierbij vergelijkbaar met de bovenstaande beschrijving. De daadwerkelijke bepaling van de positie van het vaartuig en de hoogte van de slibbaak (slibdikte) worden echter vanaf de oever bepaald met behulp van een theodoliet. Doordat hierbij een extra veldwerker/landmeter aan de oever noodzakelijk is, is deze aanpak duurder dan de bepaling met een meetband.

Kwantiteitsbepaling met behulp van echoloding.

Naast de handmatige peilingen (boorbeschrijvingen/dwarsraaien) is het ook mogelijk de slibkwantiteit te bepalen aan de hand van geautomatiseerde survey-technieken. Deze technieken zijn met name bruikbaar bij brede watergangen, meren en op baggerwerken waar gewerkt wordt met een Digitaal Terrein Model (DTM).



auteur: Merijn Bolkestein | publicatiedatum: 31-07-2002

Pagina
print versie

Laatste nieuws
Sanering bodem Ketelmeer-West
Baggerwerkzaamheden in grachten Zwartsluis
Waterschap pakt Nunbeek aan
Sdu uitgvers publiceert Praktijkboek Waterbodem
MWH lanceert het Handboek Waterbodem
Sint kan weer vlot en veilig door Groningse grachten varen!
Aangepast TOWABO verwacht in juli en september 2008
Baggerslib in tube direct bruikbaar als oeverbeschoeiing
Besluit bodemkwaliteit per 1 juli volledig van kracht
Grachten en vaarten in Sneek weer schoon

Software
ASAP Utilities (Excel)
BOKS
BoorManager
Towabo/Bever

Nieuws te melden?
Heeft uw bedrijf nieuws te melden en wilt u in aanmerking komen voor publicatie op waterbodem.nl? Stuur dan uw nieuws, productnieuws of persbericht naar de redactie ....



realisatie website en online marketing:
eGate Internet Solutions


redactie:
Merijn Bolkestein
Bastien Mensink